Aralık ve Dem / November and Breath / December en Een Dıepe Teug


TÜRKÇE (Orijinal)

onyedikasımikibinonsekiz

Seni gördüm bugün
Kentin kasvetinden sakınan
İki çiftin sığındığı çatıda,
Eskimiş çatlak bir kiremitsin
Soluk kızıllığından sızan yağmur damlası

Sen varsın orda*
Güz vakti vuruldum,
Sonunu yazgıya dahil etmeden
Yolları ve zamanı unutmayı yeğledim
Oysa henüz bilinmeyen bir şiirdeki dizenin
Tutunması yeterliydi kopmayan sağanağa
Kayda geçmeyen ahirin sancısını
Bildirmek istedim tufana
Avuçlarında sakladığın kışa yasladım alnımı
Kimliğimi o giz yağmurlarına teslim ettim
Tutanakları ve fezlekeleri çoktan yitirdim
Kederim de yargılandı devlet aleyhinde
Fakat benim talihim var
Kavmin bozgunuyla filizlenen bir çiçek
Kural tanımaz, yasa bilmez ve çarpışan
Ne var ki kendimdeyim,
Yâni epey uzakta
Ve yazgıyı anımsatan yağmurlardan
Kadife renkli evlerden geçtim
Orada düşürdüm kavgaları
Tozlu yolların aşındırdığı okullardan
Huzursuz pazar kahvaltılarından
Eskiyen perdelerden, koltuklardan
Buğulu camlardan beri geldim
Ve bundandır ki düşüp kırılmayan
Aklanmaz bir huzursuzluğun sahibiyim
Çocukları beşeriyete uğraşan bir sistemin
Ürkütülmüş yaralarına benzer
Ve bu yüzdendir ki
Yalnızlığım tenine bu denli sindi
Yaprakları güz döken bir bunalımın
– ağaçları soluk, dalları kırık ve içini acıtan –
Gitme mevsiminin kalıntısıyla
Bil ki karanlıktayım,
Durmuyor vakit, kopmuyor tufan
Ruhumu aklamıyor materyalist zaman!
Kaybolduğun nehirlerden devşirme akdeniz
Çaresizliği kuyulara sabreyleyen hüznün soluğuyla
İmbatıma yetişiyor sesin
Geceme miğfer oluyor
Şuracıkta da ölebilirim!
Artık gözlerinden yaş bile akmıyor
Kuruyan dalların yerini aldı bekleyiş
Ve artık kayboldu tufan çağıran yakarışlar
Kopsun ki kudretinden üryan kalayım
Boşalsın göğü kederiyle sıkan sağanak
Ve unutulsun – unutulmalı – bilinen sahte hakikat! 

*Aşık Veysel’ in “ Sen Varsın Orda” dizesine minnetle

ENGLISH

Seventeenthofnovembertwentyeighteen

I saw you today

In the garret where two couples sheltered

From the city’s gloom

You are the cracked roof tile

The raindrop seeping from it’s faint crimson

 

You are there*

I was struck in autumn,

Without integrating it’s end to destiny

I chose to forget roads and time

When it would have sufficed for a verse

To grip the storm that won’t break

I wanted the storm to state

The unregistered ache of doomsday

I rested my forehead against the winter you sheltered in your palms

I surrendered my identity to the mystery of rains

I’ve long lost the reports and indictments

My sorrow too was tried against the state

Yet I am fortunate

A flower that stems from the tribes rout

Won’t abide by rule or law and clashes

Somehow I still have my marbles.

That is I am marooned

And I passed through rains reminiscent of destiny,

Velvet coloured houses, -where I let fights fall

Through schools tattered by dusted paths,

Anxious Sunday breakfasts,

Decaying drapes, couches

Through fog stained glasses I’ve come.

And this is why I hold a reckless restlessness

That falls but won’t break

That resembles the frightened scars

Of a system whose children are subject to toil for mankind

And this is why,

My solitude seeped into your skin so

With the leaves of despair shedding autumn -it’s trees pale, branches broken and touching-

With the remains of the season to leave

Know that I’m in darkness,

Time won’t halt and the storm won’t break

Materialist time won’t acquit my soul!

The Mediterranean made up of rivers you withered in,

With the breath of blues

With a breath of lament

Turning despair to patience in the pits

Your voice catches my breeze

A headpiece for my night

Right here I could die!

No more do tears slide down your eyes

A waiting replaced the drying branches

And the cries calling for a storm have ceased

Let it rip so I can be stripped naked from its might

Drain away the rains gripping the sky with their grief

And may the familiar, false fact be forgotten – it must be forgotten –

 

Translated with the author’s approval by Ege Dündar

*With gratitude to Aşık Veysel’s “You Are There” verse. (Aşık Veysel is a highly regarded poet of the Turkish folk music and literature. Follow the hyperlink for more information.)

Vlaams-Nederlands

zeventiennovembertweeduizendachttien

Ik heb je gezien vandaag

Op het dak waar twee paren schuilen

Voor de treurnis van de stad

Een oude dakpan ben je met een barst

Druppel regen die sijpelt door het vale rood

 

Dat is de plek waar jij bestaat[1]

In de herfst was ik verkocht,

Zonder het eind te voegen bij wat komen zou

Vergat ik liever de wegen en de tijd

Terwijl het toch genoeg was dat een regel uit een ongekend gedicht

Zich vasthield aan de bui die op zich wachten liet

De pijn van de ongeregistreerde jongste dag

Wilde ik de zondvloed rapporteren

Mijn voorhoofd op de winter die in je hand verborgen lag

Gaf ik wie ik was aan die mysterieregens over

De verklaringen en processen-verbaal heb ik al lang niet meer

Mijn verdriet stond tegen de staat terecht

Maar wat ik heb is een gunstig lot

Een bloem die ontluikt als mijn stam verslagen wordt

Regels volgt ze niet, wetten kent ze niet en ze botst

Maar ik ben bij mezelf,

Een aardig eind van hier zogezegd

Buien die doen denken aan het lot

En huizen in fluweelkleur doorkruiste ik

Daar heb ik de ruzies laten vallen

Van scholen door stoffige wegen vervaagd

Van ongemakkelijke zondagse ontbijten

Van sleetse gordijnen en fauteuils

Van beslagen ruiten daar kom ik vandaan

En precies daardoor werd een onbreekbaar

Niet vrij te pleiten ongemak mijn bezit

Iets als de verschrikte wonden

Van een systeem dat de kinderen met de mensheid kwelt

En precies dat is hoe het komt dat

Mijn eenzaamheid zo diep in de huid getrokken is

Van een gebladerde somberte waarvan de herfst druipt

– de bomen flets, de takken stuk en stekend –

Met de resten van het seizoen dat er vertrokken wordt

 

Weet dat ik in het duister ben,

De tijd staat niet stil, de zondvloed breekt niet los

De materialistische tijd pleit mijn geest niet vrij!

Middellandse Zee vergaard uit rivieren waarin je verloren ging

Met de adem van de weemoed die trots onmacht putten duldt

Haalt je stem net op tijd mijn zeebries in

Wordt een helm voor mijn nacht

Hier ter plekke kan ik dood!

Uit je ogen druppen geen tranen meer

Drogende takken vervangen door gewacht

En weg is ook het smeken om een vloed

Laat hem neerkomen, laat ik naakt zijn door zijn kracht

Laat de hoosbui zich legen, weg het verdriet dat op de hemel drukt

En laat men vergeten de valse waarheid die men kent – want die vergeten moet!

 

Oorspronkelijke titel: Aralık ve Dem / Vertaald uit het Turks door Hanneke van der Heijden (15 februari 2019)

[1] Noot van de dichter: Ik ben Aşık Veysel erkentelijk voor deze regel.

 

Önceki / Previous Nâzım Hikmet : Hala Servilerde Ağlıyorlar Mı?
Sonraki / Next Hasret Gültekin Hollanda Konseri (1989)